Kort antwoord
Word je in de loop van het jaar eigenaar of huurder, dan staat de WOZ-beschikking van dat jaar op naam van de vorige bewoner. Je kunt de gemeente om een eigen beschikking vragen (art. 26 Wet WOZ). De gemeente beslist binnen acht weken. De beschikking geldt vanaf de dag dat je eigenaar of gebruiker werd, en daarna heb je zes weken voor bezwaar.
Wil je weten of dit voor jouw woning speelt? Doe de gratis WOZ-check
In dit artikel12 onderdelen
- Waarom krijg je als nieuwe eigenaar geen beschikking?
- Wie mag een beschikking aanvragen?
- Wat heb je eraan?
- Rekenvoorbeeld: huis gekocht in maart 2026
- Hoe en bij wie vraag je hem aan?
- Hoe lang heb je om het aan te vragen?
- Hoe lang duurt het?
- En dan: zes weken voor bezwaar
- Kost het geld?
- Verschil met de WOZ-waarde opzoeken
- Veelgestelde vragen
- Bronnen
Waarom krijg je als nieuwe eigenaar geen beschikking?
De gemeente stuurt de WOZ-beschikking aan wie aan het begin van het kalenderjaar eigenaar of gebruiker is (art. 24 lid 3 Wet WOZ). Koop je een huis in maart, dan is de beschikking van dat jaar al naar de verkoper gegaan. Hetzelfde geldt als je na 1 januari een woning gaat huren of een woning erft.
Ben je op 1 januari van het jaar erna eigenaar, dan krijg je die beschikking vanzelf (art. 24 lid 3 Wet WOZ). Huurders van een woning krijgen hem volgens de Waarderingskamer niet altijd automatisch. Voor het jaar waarin je eigenaar of huurder werd, mag de gemeente uit zichzelf een beschikking sturen (art. 26 lid 1 Wet WOZ). Doet ze dat niet, dan moet je er zelf om vragen.
Wie mag een beschikking aanvragen?
Art. 26 Wet WOZ geldt voor iemand die in de loop van het jaar:
- eigenaar wordt, of een ander recht op de woning krijgt, zoals bezit of een beperkt recht, of
- gebruiker wordt, bijvoorbeeld als huurder.
De Waarderingskamer noemt als voorbeelden een koper, een erfgenaam en een nieuwe huurder. Een erfgenaam kan de waarde nodig hebben voor de erfbelasting, zie WOZ-waarde bij erfenis en schenking. Een huurder heeft er vooral iets aan als de huur onder het woningwaarderingsstelsel valt. Huur je in de vrije sector, dan heb je meestal geen belang bij een lagere waarde. Lees daarover WOZ-bezwaar als huurder.
Was je op 1 januari al mede-eigenaar en staat de beschikking op naam van een ander, dan is art. 26 niet de route. Dan vraag je een beschikking als medebelanghebbende (art. 28 Wet WOZ). Dat staat in WOZ-bezwaar na een scheiding.
Wat heb je eraan?
Met een eigen beschikking krijg je een eigen bezwaarrecht. De beschikking is voor bezwaar vatbaar (art. 26 lid 1 Wet WOZ). Je bent dus niet afhankelijk van de verkoper, die misschien geen bezwaar heeft gemaakt.
Twee dingen moet je wel weten:
- De beschikking geldt pas vanaf het moment dat je eigenaar of gebruiker werd (art. 26 lid 2 Wet WOZ). Voor een koper is dat volgens de Waarderingskamer de datum van de akte van levering en inschrijving in het Kadaster. Voor een huurder de dag dat het gebruik begon. Voor een erfgenaam de dag van overlijden.
- Je OZB verandert niet. De OZB gaat uit van de situatie op 1 januari. Daarom heeft een beschikking die later in het jaar ingaat volgens de Waarderingskamer geen gevolg voor de OZB en de watersysteemheffing van dat jaar.
De waarde telt wel voor regelingen vanaf de ingangsdatum. De Waarderingskamer noemt de erfbelasting, het eigenwoningforfait en de maximale huur voor de rest van het jaar.
Het is geen kopie van de beschikking van de verkoper. De Hoge Raad noemde zo'n beschikking in 2013 een nieuwe waardevaststelling (ECLI:NL:HR:2013:CA3934). In die zaak stelde de gemeente de waarde voor de erfgenaam lager vast dan voor de overleden eigenaar: € 340.000 in plaats van € 407.000.
Rekenvoorbeeld: huis gekocht in maart 2026
Je krijgt de sleutel op 16 maart 2026, de dag van de levering bij de notaris.
- De beschikking voor 2026 (waardepeildatum 1 januari 2025) staat op naam van de verkoper. De verkoper krijgt ook de OZB-aanslag eigenaren voor heel 2026.
- Je vraagt de gemeente om een eigen beschikking. Die geldt vanaf 16 maart 2026.
- Vind je de waarde te hoog, dan maak je binnen zes weken bezwaar. Wordt hij verlaagd, dan geldt de lagere waarde vanaf 16 maart 2026.
- Eind februari 2027 krijg je vanzelf de beschikking voor 2027, met waardepeildatum 1 januari 2026. Die bepaalt je OZB over 2027.
Gaat het je alleen om de OZB, dan heb je dus niets aan een beschikking voor 2026. Let dan vooral op de beschikking van 2027.
Hoe en bij wie vraag je hem aan?
Je vraagt de beschikking aan bij de gemeente waar de woning ligt, of bij de belastingorganisatie die de WOZ voor die gemeente uitvoert. Volgens de Waarderingskamer is het verzoek vormvrij: schriftelijk, per e-mail, mondeling of telefonisch. Het moet wel duidelijk zijn wat je vraagt. Zet daarom in je verzoek:
- je naam en je huidige adres;
- het adres van de woning en, als je het hebt, het WOZ-objectnummer;
- het belastingjaar;
- de datum waarop je eigenaar of huurder werd, met bewijs als je dat hebt (akte van levering of huurcontract);
- dat je vraagt om een voor bezwaar vatbare beschikking op grond van art. 26 Wet WOZ.
Een schriftelijk verzoek of een verzoek via het online loket is het makkelijkst terug te vinden als er later discussie is. Vraag meteen ook het taxatieverslag, dan kun je de waarde direct controleren.
Hoe lang heb je om het aan te vragen?
De wet noemt geen termijn voor het verzoek. Maar wacht niet te lang. Het hof 's-Hertogenbosch oordeelde op 20 november 2024 dat zo'n verzoek toch binnen een redelijke termijn moet komen (ECLI:NL:GHSHE:2024:3646). In die zaak vroegen de erfgenamen de beschikking pas negen jaar na het overlijden aan. Dat was te laat. Waar de grens precies ligt, staat niet in de wet. Doe het verzoek daarom zo snel mogelijk, liefst in het jaar zelf.
Hoe lang duurt het?
De gemeente moet binnen acht weken na je verzoek beslissen (art. 26 lid 1 Wet WOZ). Lukt dat niet, dan moet de gemeente je volgens de Waarderingskamer binnen die acht weken laten weten wanneer je wel een besluit krijgt. Hoor je niets en zijn de acht weken voorbij, dan kun je de gemeente schriftelijk in gebreke stellen. Daarna kan een dwangsom gaan lopen.
En dan: zes weken voor bezwaar
Op de beschikking staat een dagtekening. Vanaf de dag erna heb je zes weken om bezwaar te maken (art. 6:7 Awb en art. 22j AWR). Je laatste dag reken je uit met de termijncalculator. Hoe je bezwaar maakt, lees je bij WOZ-bezwaar maken.
Kost het geld?
Art. 26 Wet WOZ noemt geen kosten voor het verzoek. Voor de behandeling van een bezwaar mag de gemeente geen kosten rekenen (art. 7:15 Awb).
Verschil met de WOZ-waarde opzoeken
Wil je alleen weten wat de WOZ-waarde is, dan heb je geen beschikking nodig. In het WOZ-waardeloket zie je zonder inloggen de waarde van elke woning. Maar met een waarde uit het loket kun je geen bezwaar maken. De Waarderingskamer zegt het zo: formeel opvragen bij de gemeente is alleen nodig als je ook bezwaar wilt maken. Meer manieren om de waarde te vinden staan in WOZ-waarde opvragen.
Veelgestelde vragen
Ik heb een huis gekocht. Krijg ik dan een WOZ-beschikking?
Voor het jaar van aankoop meestal niet: die beschikking ging naar wie op 1 januari eigenaar was. Je kunt de gemeente om een eigen beschikking vragen (art. 26 Wet WOZ). Het jaar erna krijg je hem als eigenaar automatisch.
Hoe lang duurt het voor ik de beschikking krijg?
De gemeente moet binnen acht weken na je verzoek beslissen (art. 26 Wet WOZ). Daarna heb je zes weken na de dagtekening om bezwaar te maken.
Betaal ik minder OZB als ik bezwaar maak tegen deze beschikking?
Nee. De OZB van dat jaar gaat uit van de eigenaar op 1 januari, meestal de verkoper. Een beschikking die later in het jaar ingaat, verandert de OZB van dat jaar niet.
Kan ik ook als nieuwe huurder een WOZ-beschikking aanvragen?
Ja, als je na 1 januari bent gaan huren. De beschikking geldt dan vanaf de dag dat je de woning ging gebruiken. Het heeft vooral zin als je huur onder het woningwaarderingsstelsel valt.
Tot wanneer kan ik de beschikking aanvragen?
De wet noemt geen termijn, maar volgens het hof 's-Hertogenbosch (2024) moet het binnen een redelijke termijn. Vraag hem daarom zo snel mogelijk aan, liefst in het jaar zelf.
Bronnen12
- Wet WOZ, art. 24 lid 1 en 3 (beschikking binnen acht weken, aan eigenaar en gebruiker bij het begin van het jaar)
- Wet WOZ, art. 26 (beschikking voor wie in de loop van het jaar eigenaar of gebruiker wordt)
- Wet WOZ, art. 28 (beschikking op verzoek voor een medebelanghebbende)
- Wet WOZ, art. 30 (bezwaar: toepasselijke AWR-bepalingen, OZB-aanslag, uitspraak in hetzelfde jaar)
- Waarderingskamer: wie krijgt de WOZ-waarde en hoe kunt u deze opvragen?
- Waarderingskamer, Vraagbaak waardevaststelling: hoofdstuk 4 Beschikkingen op verzoek
- Hoge Raad 21 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA3934 (beschikking art. 26 is een nieuwe waardevaststelling)
- Hof 's-Hertogenbosch 20 november 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:3646 (verzoek art. 26 negen jaar na overlijden te laat)
- Awb, art. 6:7 (bezwaartermijn zes weken)
- AWR, art. 22j (begin bezwaartermijn: dag na dagtekening)
- Awb, art. 7:15 (geen kosten voor bezwaar; kostenvergoeding)
- Waarderingskamer: WOZ-waardeloket
Handige rekenhulpen
Lees ook
- WOZ-waarde opvragen: zo vind je de waarde van je huisJe WOZ-waarde vind je op je aanslagbiljet, in MijnOverheid, bij het belastingloket van je gemeente of in het WOZ-waardeloket. Ook van andere adressen.
- WOZ-beschikking: wat staat erop en wanneer krijg je hem?De WOZ-beschikking is het besluit waarin de gemeente je WOZ-waarde vaststelt. Lees wat erop staat, wanneer hij komt en waarom de dagtekening telt.
- WOZ-bezwaar als huurder: mag dat en heeft het zin?Als huurder mag je bezwaar maken tegen de WOZ-waarde als die je huur kan raken. Wanneer je belang hebt, hoe je de beschikking krijgt en wat het oplevert.
- WOZ-waarde bij erfenis en schenking: welke waarde telt?Voor erfbelasting en schenkbelasting telt de WOZ-waarde van je woning. Lees welk jaar je kiest, hoe het werkt bij verhuur en wat je doet bij een te hoge waarde.